Laat het snel lente worden

Als de dagen korter worden, neemt bij de meeste mensen de somberheid toe. Wat is er aan die winterdip te doen?

Het is koud. Het regent. ’s Ochtends is het donker en als je eind van de middag naar huis strompelt, heb je de hele dag geen straaltje zonlicht gezien. Je handen lijken continu bevroren en je neus is altijd verstopt. Halverwege de maand is je bankrekening al leeg. En dan moeten de feestdagen nog beginnen, waarvoor je alvast – gelovig of niet – bidt dat het deze keer niet eindigt in een politieke discussie met je racistische tante/vader/neef/oma, waarbij onvermijdelijk iemand in een dronken huilbui wanhopig uitroept ‘waarom we het niet gewoon gezellig kunnen houden?’

Very SAD

Wat voor pluizige winterbeelden de mierzoete Jumbo- of Coca Cola-reclames ook voorschotelen: veel mensen voelen zich behoorlijk depressief als het winter wordt. In de volksmond heet het winterdepressie, maar de officiële term is SAD – Seasonal Affective Disorder. Hoeveel mensen hier precies last van hebben, is lastig vast te stellen. Het is natuurlijk ook afhankelijk van hoe je het definieert. In Nederland variëren de schattingen van 40.000 tot een half miljoen.

‘In principe heeft SAD dezelfde symptomen als een gewone depressie, maar zijn ze seizoensafhankelijk. Het begint in de herfst of de winter, en gaat weer over als het lente wordt’, zegt Niki Antypa, universitair docent bij psychologie en gespecialiseerd in depressie-kwetsbaarheid. ‘Volgens de officiële definitie mag het pas zo heten als dit patroon tenminste twee keer is opgetreden.’ Anders weet je namelijk niet of het een winterdepressie was, of een standaard-depressie die toevallig in de winter plaatsvond.

Antypa: ‘In wezen is het dus niet anders dan een gewone depressie, maar bepaalde symptomen zie je wel meer. Hypersomnia, oftewel veel meer slapen, vermoeidheid en een gebrek aan energie, en een toegenomen eetlust, vooral voor koolhydraten.’

Suïcide
Dat mensen zich dus in de winter sneller neerslachtig voelen, leidt tot de hardnekkige mythe dat in de winter de zelfmoordcijfers hoger liggen dan in andere seizoenen. Dat is niet waar. Sterker nog: de meeste mensen die suïcide plegen, doen dit in de zomer. Het cijfer ligt tijdens de feestdagen zelfs lager dan gemiddeld.
‘Dat lijkt tegenstrijdig’, zegt Willem van der Does, hoogleraar klinische psychologie. ‘Zowel depressie als suïcide is een heel complex begrip, met veel verschillende oorzaken. Je kan je voorstellen dat de seizoensvariatie in depressieve klachten heel erg samenhangt met lifestyle: de hoeveelheid zonlicht, en de mate waarin mensen buiten komen. Veel mensen bewegen meer in de zomer dan in de lente. Dat zijn allemaal kleine effectjes die optellen waardoor er variatie zit in depressie.

‘Maar of die mensen dan iets drastisch doen als een suïcidepoging, heeft nog veel andere determinanten. Ook allerlei sociale factoren: je kan je voorstellen dat mensen het tijdens de feestdagen hun familie niet willen aandoen, omdat de kerst dan altijd besmet is met het overlijden. Dat kan ook een rol spelen. Je moet je bedenken dat de suïcidecijfers hoog lijken: in Nederland gaat het om achttien– à negentienhonderd mensen per jaar (1917 in 2017, red.). Het is veel, maar uiteindelijk blijft het een heel zeldzame gebeurtenis. Het gaat dus om variaties in vrij kleine getallen.’

Licht helpt
En in tegenstelling tot andere soorten depressie is er voor de winterdip een eenvoudig medicijn: lampen. Heel sterke, dat wel, en in sommige gevallen moet je er even voor in de buidel tasten. Het werkt wel heel goed, zegt Marc Molendijk, universitair docent psychologie.

‘We wisten al dat lichttherapie goed helpt tegen winterdepressie. Sterk licht zou het korten der dagen wegnemen. Als je depressie behandelt duurt het weken of maanden, ook met antidepressiva en praattherapie. Maar lichttherapie werkt meestal sneller. Bij tachtig procent van de patiënten zelfs binnen een week.’

‘Van alle soorten depressie is de winterdepressie een van de weinige waarvan we weten dat het ergens consistent mee samenhangt, namelijk het korten der dagen’, zegt hij, ‘waardoor biologische ritmes verstoord raken. Hoe verder van de evenaar, hoe vaker het voorkomt. Op de evenaar zelf zie je het helemaal niet. En als je dan doorgaat naar de andere kant, richting Argentinië, zie je het wel weer.’

Winterslaap
Er zijn twee verhalen die je over de winterdepressie kunt vertellen. Het ene ziet de depressie als symptoom van een verschoven biologische klok. De afgenomen hoeveelheid daglicht die je ziet is van invloed op de hormonen die je slaapcyclus reguleren, en daardoor slaap je ’s nachts slecht en ben je overdag slaperig. Antypa: ‘Slaap en depressie zijn tweerichtingsverkeer. De slaapproblemen komen in de regel eerst, maar ze kunnen ook een bestendigende factor zijn. Omgekeerd kunnen depressieve klachten ook weer bijdragen aan moeilijke slaap; de twee zijn sterk met elkaar verstrengeld.’

Het andere verhaal is evolutie-biologisch van aard: ’s winters is het koud, er is weinig te eten: alle reden om passief betere tijden af te wachten. Depressie zou in vroeger tijden, hoe onaangenaam het ook is, een voordeel op kunnen leveren. ‘Dat zou kunnen, zeker in landen die echt ver van de evenaar liggen’, aldus Antypa. ‘Het probleem is echter dat onze samenleving de behoefte aan een semi-winterslaap niet erkent. Je moet gewoon functioneren in je dagelijkse activiteiten, en als dat niet lukt voel je je waardeloos en wordt je depressie erger.’

Begin in de herfst
‘Die twee verhalen sluiten elkaar niet uit. Wat mij betreft gaan ze zelfs hand in hand. Die chemisch/medische kant van het verhaal is er in elk geval, of dat nou een symptoom is of een aanpassing. Je kan het meten aan het slaaphormoon melatonine, aan vitamines, en zien dat die balansen veranderen. Dat heeft gevolgen; voor sommige zijn dat depressieve symptomen. Andere mensen kunnen zich beter aanpassen aan de verandering.’

Goed, er bestaat dus een winterdepressie met de naam SAD, en als je ervan af wilt, moet je een lamp kopen á 150 euro, en daar elke dag een uur in kijken. Het klinkt als een scam, en best een doorzichtige.

‘Lichttherapie helpt echt’, verzekert Van der Does. ‘Maar tegen de tijd dat iemand dit leest, is het een beetje aan de late kant. Je moet het eigenlijk in de herfst doen. Erop anticiperen, en als de dagen korter worden, ’s ochtends een uurtje bij zo’n lichtlamp zitten studeren. Dat kan depressie voorkomen.’

Antypa: ‘Ga ook naar buiten als de zon schijnt, want die geeft nog veel meer licht dan zo’n lamp. Dat licht levert je een hoop energie en vitamine D op, dus als er een mogelijkheid is, mis hem dan niet.’

Door Anoushka Kloosterman en Bart Braun

Voorpagina

Achtergrond

Wetenschap

Waarom bid je?

Ömer Gürlesin promoveerde op de manier waarop Turkse Nederlanders hun …

Onze (groot)vader

Onlangs nam Job Cohen als hoogleraar afscheid van de universiteit waarmee zijn familie zo …

Studentenleven

Nieuws

Rubrieken

English page